Reacties op consequenties van WEB voor LO/bewegen

De gevolgen van de invoering van de WEB voor het bewegingsonderwijs in het mbo leidden tot onrust in de politiek, mede door een onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs dat aantoonde dat de situatie van het bewegingsonderwijs in het mbo 'bedroevend' was. De minister van Onderwijs stelde op 28 maart 1997 een stappenplan vast naar aanleiding van een door Clemens Cornielje (VVD) in december 1996 ingediende motie (motie Cornielje). In 1998 discussieerde het hoofdbestuur van de KVLO over de problematiek naar aanleiding van een notitie van Baukje Zandstra, die toen het platform LO/mbo ondersteunde.

Er vonden als gevolg van het stappenplan een aantal projecten plaats die ertoe moesten bijdragen dat er voorbeelden zouden komen van de wijze waarop bewegen in het nieuwe mbo vormgegeven zou kunnen worden. (bve in beweging (een JIB-project) en Aantrekkelijk bewegen I en Aantrekkelijk bewegen II).

In het project van de Friese Poort in Drachten heeft Joan Boelens de basis gelegd voor een beweegprogramma voor het mbo waarin keuze van activiteiten door de student centraal staat. Dit concept gebruiken heel veel scholen heden ten dage als 'sport op maat' om vorm te geven aan bewegen in het curriculum. Boelens heeft dat programma beschreven in een artikel in het KVLO-magazine.

<< Terug naar inhoud canon

Graag de nieuwsbrief ontvangen?

Aanmelden

Contact opnemen

Stuur ons een mail